Ziektewijzer

Bacterievlekkenziekte

Veroorzaker

Xanthomonas euvesicatoria, X. vesicatoria, X. perforans, X. gardneri

Er zijn vijf stammen gemeld.

Verspreiding

Wereldwijd

Symptomen

De symptomen kunnen op alle bovengrondse delen van de plant verschijnen. De eerste symptomen die op de bladeren worden waargenomen zijn donkere, met water verzadigde, ronde vlekken, minder dan 3 mm in doorsnee. Deze vlekken worden hoekig en het oppervlak kan vettig lijken, met een doorschijnend centrum en een zwarte rand. Het midden van deze laesies droogt snel in en barst, en de laesies kunnen omgeven zijn door een gele ring. Laesies zijn gewoonlijk talrijker op het jonge blad. Tijdens perioden met veel vocht (zware regenval, mist of dauw) zullen bladeren eerder een verdord uiterlijk vertonen dan de typische bladvlekken. Vruchtinfectie begint als kleine, zwarte, verhoogde spikkels, die omgeven kunnen zijn door een witte ring met een vettig uiterlijk. Deze laesies kunnen groter worden, tot 4-5 mm (0,25 inch) in doorsnee en een bruin, licht verhoogd en schurftig uiterlijk krijgen. Ook kunnen ze verhoogde randen hebben en een verzonken centrum.

Voorwaarden voor ziekteontwikkeling

De bacterie kan overleven in gewasresten, op spontaan opgekomen planten, onkruid en zaad. Deze ziekte verspreidt zich snel over zaaibedden en velden door sprinklerirrigatie en slagregens. Infectie treedt in het algemeen op via wonden, die bijv. door insecten, windvlagen met zand en regen, en hogedrukspuiten gemaakt worden. Hoge (24-30 °C, 75-86 °F) temperaturen met sprinklerirrigatie of zware regenval bevorderen de ziekteontwikkeling.

Bestrijding

Gebruik van ziektevrije zaden en jonge planten is belangrijk voor vroegtijdige bestrijding van bacterievlekkenziekte. Koperspuitmiddelen bieden een matig beschermingsniveau. Geen beregening gebruiken wanneer bacterievlekkenziekte aanwezig is. Wisselteelt met niet-waardplanten en bestrijding van onkruid en spontaan opgekomen planten zijn goede preventiemaatregelen. Goede hygiënepraktijken, waaronder het reinigen van apparatuur die in besmette velden wordt gebruikt, en het onderploegen van alle plantenresten onmiddellijk na de oogst, kunnen verliezen door deze ziekte helpen verminderen.

This browser is no longer supported. Please switch to a supported browser: Chrome, Edge, Firefox, Safari.