Veroorzaker
Pythium spp., Rhizoctonia solani, Acremonium spp., Fusarium equiseti, en andere schimmels.
Verspreiding
Wereldwijd
Symptomen
Omvallen voor het opkomen: zaden kunnen verrotten voor het ontkiemen, of zaailingen kunnen doodgaan voor het opkomen.
Omvallen na het opkomen: jonge zaailingen ontwikkelen rot bij de kroon; later wordt het weefsel zacht en ingesnoerd en de planten verwelken en vallen om.
Pythium spp.: zaailingen worden vaal groen en cotylen gaan hangen. Vlak boven de grond ontwikkelen zich met water verzadigde laesies op de hypocotylen en zaailingen verwelken en vallen om. Zaailingen kunnen ook voor het opkomen in de grond verrotten.
Rhizoctonia solani: deze schimmel kan zaad infecteren, waardoor het niet ontkiemt. De symptomen bij jonge zaailingen zijn vergelijkbaar met die van Pythium-soorten. Bij oudere zaailingen kan een verzonken geel- tot roodbruine droge laesie worden waargenomen op de hypocotyl.
Acremonium spp.: de symptomen ontstaan 7–10 dagen nadat de zaailingen opkomen. De infectie begint waar de zaadhuid vast blijft zitten aan het hypocotyl. Dit gedeelte krijgt een lichte geelbruine kleur. Binnen twee tot drie dagen ontstaat een droge roodbruine rot, die ertoe kan leiden dat de zaailing doodgaat. Overlevende zaailingen worden blijvend in hun groei belemmerd.
Fusarium equiseti: een droge, roodbruine rot ontstaat op het hypocotyl. De schimmel veroorzaakt omvallen voor en na het opkomen.
Thielaviopsis basicola: de laesies beginnen als grijze tot roodachtige gedeelten die vrijwel onmiddellijk gitzwart worden. In natte grond kan een witgrijs laagje delen van de zwarte laesie bedekken.
Watermelon seedlings infected with Thielaviopsis basicola. (Courtesy of Gerald Holmes)
Voorwaarden voor ziekteontwikkeling
Omvalziekte is gewoonlijk het ergst onder omstandigheden met een hoge bodemvochtigheid en/of -verdichting, overbevolking, slechte ventilatie en koel, vochtig, bewolkt weer. Daarnaast wordt Acremonium wortelrot bevorderd door diep planten. Fusarium equiseti tast meloenen aan die gezaaid zijn in koele, vochtige grond die later rond of boven de hypocotylen barst. Zaailingen zijn het gevoeligst voor omvallen voor het opkomen of binnen de eerste week na het opkomen. In kassen is onvolledig gestoomde pasteuriseerde grond een veelvoorkomende bron van omvalziekteschimmels en overbewatering verergert het omvallen.
Bestrijding
Volle grond: naast de hierboven beschreven maatregelen in de kas, bodemverdichting voorkomen, hoge bedden aanleggen om voor betere drainage te zorgen en lange irrigatieperioden voorkomen. Acremonium wortelrot kan ook geminimaliseerd worden door ondiep planten in droge grond, gevolgd door irrigatie.
Beschermde teelt: zorg dat het substraat / de grond bestaat uit bestanddelen die drainage en beluchting bevorderen. Gebruik een substraat-/teelaardeleverancier met een goede naam. Voer hygiene maatregelen in voor voorraden en apparatuur. Regel de irrigatie zo dat lange perioden met hoge bodemvochtigheid worden voorkomen. Gebruik een goede kwaliteit zaad om omvalziekte te beperken. Er zijn vloeibare bodemfungiciden en zaadbehandelingen verkrijgbaar die omvalziekte helpen voorkomen. Gebruik van een biologisch bestrijdingsmiddel (bijv. Trichoderma harzianum) is effectief gebleken voor het bestrijden van ziekteverwekkers van omvalziekte bij diverse komkommerachtigen.