Marisara is een IR ToBRFV-resistente trostomaat voor het segment middelgrote tros, met een vruchtgewicht van circa 110 tot 130 gram. Het ras combineert een hoog Brix-potentieel met een zoet-fruitige smaak en felrode FULLRED-vruchten. De plant heeft goede groeikracht, maar blijft open en relatief compact. Daardoor is Marisara geschikt voor teelt in uiteenlopende kastypen.
Onderstam en jonge plant
Voor een sterke start wordt aanbevolen om Marisara te enten. Goede, uitgebalanceerde onderstammen, zoals Maxifort of Equifort, passen goed bij het ras. In situaties waar meer kracht en uithoudingsvermogen nodig zijn, is DR0141TX een alternatief. Een tweestammige, generatieve jonge plant sluit het beste aan bij Marisara.
In de opkweekfase is generatieve sturing belangrijk. Houd een etmaaltemperatuur van circa 21°C aan, plaats de planten voldoende ruim en bouw het aantal lichturen na het enten op. Zodra de scheuten 3 tot 4 cm lang zijn, kan de nachttemperatuur worden verlaagd om te voorkomen dat de scheuten te lang worden. Een geënte plant van 55 tot 58 dagen is doorgaans optimaal.
Start van de teelt
Bij het planten draait alles om licht en balans. Plaats de koppen zo ver mogelijk uit elkaar, zodat de plant maximaal licht krijgt. Bij vroege aanplant kan het helpen om de plant eerst naast het plantgat of op folie te laten staan. Wanneer bij de tweede tros meer dan 50% van de bloemen open is, kan de plant in het plantgat worden geplaatst. Let wel op: te veel of te hoge irrigatie kan vegetatieve groei bevorderen.
Klimaat en gewassturing
Stuur Marisara vanaf de eerste dag generatief. Werk bij voorkeur niet met te grote bloemen; kleinere bloemen zijn sneller, actiever en aantrekkelijker voor hommels. Wikkel de planten zo lang mogelijk en begin pas met clippen wanneer de plant licht generatief in balans staat. Houd bij het begin van de vruchtontwikkeling een dag-nachtverschil van 4 tot 5°C aan. Te koele gemiddelde dagtemperaturen onder 16°C zijn niet wenselijk, tenzij het lichtniveau te laag is.
Tros, blad en voeding
Marisara is ontwikkeld voor trossen van zes vruchten. Voor een snellere eerste oogst kunnen de eerste twee trossen op vijf worden gezet. Strijk de trossen minimaal de eerste tien trossen om kniktrossen te voorkomen. In niet-belichte teelt varieert de plantdichtheid van 2,5 koppen per m² bij de start tot 3,5 koppen per m². Verwijder tijdig blad in de kop om energie richting de trossen te sturen. Houd 9 tot 10 bladeren aan bij start en einde van de teelt, en 12 tot 14 bladeren in de zomer.
Vul de matten met een druppel-EC van 4,5, houd stikstof aan de ondergrens en laat de mat-EC niet boven 9 stijgen. Voldoende kalium en calcium ondersteunen de vruchtvorming. CO₂ kan starten op 400 tot 600 ppm en op zonnige dagen oplopen naar 1000 tot 1200 ppm.
Meer weten over Marisara?
Download hier het complete teeltadvies of bespreek de teeltstrategie met uw De Ruiter-adviseur.