Voldoende energie voor een sterke plant
Weer
Vorige week was het mooi weer met dagen van > 1200 – 1400 joules. Helaas verloopt deze week wisselvallig, met regen en lagere dagtemperaturen. Het is van korte duur, want komende week trekt het bij en wordt er 18 – 20 graden voorspeld met een relatief lage nachttemperatuur van 8 – 10 graden.
Teelt
Deze week zijn de laatste tomaten geplant. Vrijwel overal zijn de planten eerder uitgeleverd dan gepland. In de vroege herfstteelt met een planting van eerste week september, is er al een tweede tros bloei met een goede regelmaat in de afbloei. De eerste tros was wat wisselend in kwaliteit door de hittegolf tijdens de opkweek, maar ondanks dat goed gezet en met een goede plantkwaliteit. Over het algemeen staan de planten dit jaar sterk generatief.
Klimaat
Wanneer de zon doorkomt, is het belangrijk om overdag voldoende tempo te maken met dagtemperaturen van 26 graden. Stuur voldoende sterk op licht. Lichtoverschot (krul e.d.) is nodig om kracht te behouden. In deze fase dient sterk generatief gestuurd te worden. Probeer de plant voor zon onder voldoende donker te krijgen in de kop. Kracht behouden/krijgen is cruciaal in deze teelt. Na inworteling moeten etmalen van 21 – 23 graden gerealiseerd worden om voldoende snelheid te maken, mits er overschot is. Deze etmalen zorgen voor voldoende graaduren in de trossen. Een regelmatige afbloeisnelheid is van belang om een goede troskwaliteit te waarborgen en gescheurde vruchten later in de teelt te voorkomen.
Zolang er overschot is, is het advies om nachttemperaturen van 17 – 18 graden aan te houden, zeker voor gewassen die verder in ontwikkeling zijn. Ga niet te laag zitten met de nachttemperatuur. Te generatief sturen met een te lage nachttemperatuur, kan een te grove eerste tros geven. En dat gaat ten koste van kracht in de kop. Generatief sturen gebeurt voornamelijk met de dagtemperatuur, waarbij de piek in de middag op 22 - 23 graden ligt, en de straling op de ventilatie op 25 – 27 graden. Het is belangrijk om vanaf de start van de teelt voldoende CO2 mee te geven. De streefwaarden liggen tussen de 500 – 700 ppm. Het doseren van CO2 is met name aan te raden wanneer de ramen dicht liggen. De CO2 waarden mogen niet onder de buitenwaarde komen, anders gaat het ten koste van de productie.
Bij latere plantingen, van 12 - 16 september, is het belangrijk om etmalen van 21 – 22 graden te realiseren. Probeer, zolang er overschot is, lichtafhankelijk te sturen door eventueel in de nanacht +1 graad op de lichtsom > 800 – 1000 joules te zetten.
Trossnoei en bonken
Om de eerste tros zo snel mogelijk te oogsten en voldoende uitgroei te krijgen voor de latere trossen, is het belangrijk om snelheid te maken bij een vijf- of meertrossenteelt. Het snoeibeleid van een vijftrossen teelt zit op 5-6-6-6-5 en een viertrossen teelt op 6-6-6-6. Bij een vroege viertrossenteelt kan een tros op 7 gezet worden, maar dat verlengt wel de uitgroeiduur van de laatste trossen. Snoei de trossen zo snel mogelijk op het gewenste aantal vruchten om de energie van de plant optimaal te gebruiken. Snoei bij splittrossen naar het normaal gewenste aantal vruchten om een goede trosvorm en kracht te behouden. Voor een uniforme tros en goede vruchtkwaliteit is het advies om bonken tijdig te verwijderen.
Koppen
De eerste telers verwijderen eind september de kop. Een goede lichtdoorlaatbaarheid van het gewas is daarbij cruciaal. Top daarom op 1 blad boven de laatste tros. De laatste zetting zal naar verwachting goed verlopen met het rustige weer dat de komende twee weken voorspeld is. Het blijft belangrijk om niet te snel terug te gaan in energie voordat de laatste tros volledig gezet is.
Schermen
Scherm bij temperaturen < 10 – 12 graden. Vochtproductie is in dit stadium van het gewas gering. Tot tros drie zijn hogere etmalen gewenst met nanachttemperaturen van 18 – 20 graden, afhankelijk van de gewasstand. Een buis van > 40 graden biedt uitkomst bij een stook/buiten temperatuurverschil van > 8 – 9 graden. Houd er wel voldoende buisvraag van minimaal 32 – 35 graden in. Als de temperatuur te hoog wordt, is kieren in de ochtend en/of werken met luchten boven het scherm aan te raden. Dat kan in combinatie met de buis. Goede vochtregeling op de minimumraam voorkomt een vochtig klimaat.
Voeding
Voldoende calcium zorgt voor een sterke celopbouw en maakt de planten weerbaarder tegen allerlei ziektes. Geef net zoveel of iets meer calcium dan kali. Met een wekelijks druppelschema kan dat goed gemonitord worden. Om de pH te sturen, kan na inworteling ureum meegegeven worden i.p.v. ammoniumnitraat. Houd de magnesiumgift minimaal gelijk aan de EC gift met +0.9 tot 0.75 mmol. In de eerste weken is een EC gift van 3.2-3.5 aan te raden. Houd ook het ijzer, borium en mangaan in de gift in de gaten.
Watergift
De vroege septemberplanters ervaren over het algemeen een snelle inworteling van de planten. De wortelkwaliteit kan bij aankomst een aandachtspunt zijn. Houd de inworteling daarom scherp in de gaten. Het vochtgehalte in de mat moet in deze fase van de teelt afnemen. Beurtgrote is afhankelijk van de vochtigheid van de mat en of het gewas al volledig ingeworteld is. In dat laatste geval kunnen er grotere beurten gegeven worden van 150-200 ml. Start niet te vroeg met de watergift en laat het vochtgehalte eerst iets afbuigen. De stoptijd is sterk afhankelijk van de weersomstandigheden. Stop tijdig met water geven en controleer regelmatig of dat de potten niet te droog worden. Het advies is om ongeveer 2.5 – 3 uur na zon op te starten met de watergift.
Ziekten en plagen
Bestrijd witte vlieg tijdig met vangplaten en eventueel met middelen die werken op het adult, larven en het eistadium. Zo blijft de plaagdruk zo laag mogelijk. Zet de zwavelverdampers in de avond en nacht aan tegen meeldauw. Werken de verdampers goed? Rups is een hardnekkig probleem in de reguliere tomatenteelt dit jaar, daarom is de druk in de herfstteelt waarschijnlijk ook groot. Bestrijding van rups met een middel als Xentari (Bacillus thuringiensis basis) werkt goed. Zolang de bloemen niet volledig gezet zijn, is het af te raden om middelen te gebruiken die onveilig zijn voor hommels. In deze fase van de teelt draagt een preventieve bestrijding van phytium bij aan een sterk en gezond wortelgestel, bijvoorbeeld Previcur.