Onze komkommer-teelttips van week 8

De komkommerteelt is goed van start gegaan. Graag kijken wij met je terug op de afgelopen periode en op de week die voor ons ligt.

Weersomstandigheden
Qua weer gaat het een beetje op en neer. Terwijl het jaar begon met beter weer dan vorig jaar, kwakkelt het de laatste weken een beetje. We hebben te maken met veel wind en regen, en met iets oplopende buitentemperaturen.

Teelten
De wat vroegere teelten zijn momenteel in productie. Met licht als beperkende factor houden deze producties nog niet over.

In de traditionele teelten zie je dat de plant er momenteel makkelijk een vrucht tussen gooit vanwege het weer. Wees dus niet te hebberig op de stam in deze periode: de productie wordt op de rank gemaakt en dat vraagt om sterke ranken. Afgelopen weken is op veel plekken het AC-folie al uit de kas gehaald. Doe dit zodra de rank voldoende ontwikkeld is. Wanneer je het AC-folie te laat weghaalt, krijg je broeikopjes op de rank. Kijk dus altijd goed naar de kopjes van de ranken om het juiste moment te bepalen. Ga je te lang door met het folie, dan kan dit betekenen dat de kop volledig uitbroeit.

Gebruik niet de 2 laatste scheuten op de stam, maar de 2e en 3e of zelfs de 3e en 4e van bovenaf geteld. Hoe lager de rank, hoe sterker en sneller de eerste vrucht op de rank komt. Bij een goede overgang moet de eerste vrucht op de rank 2 tot 3 dagen later bloeien dan de laatste vrucht op de stam. Waar in het voorjaar vaak 1 tot 2 bladeren bovenin bij de stam verwijderd worden voordat de ranken op de draad gelegd worden, is dat nu een beetje oppassen. Zeker gewassen die van onder het folie komen, hebben alles nodig om de verdamping bij te houden met mooi weer. Een beetje massa kan dus geen kwaad. Het is in dat geval dan ook beter op een wat later tijdstip 1 of 2 bladeren weg te halen. Zo creëer je licht op de rank.

Kijkend naar het toppen van de hoofdrank is het advies om bij een kleine en slecht opkomende secundaire rank op 3 tot 4 bladeren onder de draad de rank te toppen (borsthoogte). Komt de secundaire rank er snel en groeizaam uit? Dan is het advies om deze iets langer te laten en later te toppen (navelhoogte).

In de hogedraadteelt is de productie ook gestart. Ook in deze teelt geldt: niet te hebberig in het begin. Als er geen licht is, moet de belasting ook lager zijn. De teelten waar we op blad 13 de eerste scheut hebben laten komen en op blad 18 de tweede scheut, zijn netjes in balans en de koppen komen bovenin mooi gelijk.

Voor telers die in 1 keer verdubbelen zal dat in week 8 of 9 moeten gebeuren. Wacht je langer, dan worden de scheuten zwakker. Scheuten dichter bij de wortel ontwikkelen zich wat sterker. Nu verdubbelen, betekent wel dat we over 3 tot 4 weken richting 6.000 tot 8.000 Joules/week moeten. Lukt dat niet, dan moet je meer vruchten dunnen.

Probeer al een beetje op LAI te sturen. Momenteel is een LAI van 1,5 tot 1,8 al voldoende. Richting de zomer gaan we langzaam naar een LAI van 3,0 tot 3,5.

Berekening
Deze teelt wordt gestart met 1,5 tot 1,7 planten/m² en verdubbelt rond week 8. Pas als we rond de 8.000 Joules per week aan licht hebben (vanaf week 10 tot 12) is het mogelijk van 3,0 stengels/m² te oogsten of meer. 1 blad/stengel afsplitsen kost 1.500 tot 2.000 Joules/week. Dit betekent dat we met 5.000 Joules per week ongeveer 3 tot 4 bladeren/week/stengel maken, x 1,5 stengel komt dan neer op 6 bladeren/m²/week. Als we hier om-en-om dunnen is dat ongeveer 3 komkommers/m²/week, wat neerkomt op 1,3 kg/m²/week. Voor 1 kg komkommers hebben we gemiddeld ongeveer 3.500 tot 4.000 Joules nodig. Qua belasting zitten we dus goed voor wat betreft het licht. Zou je 3 stengels/m² hebben dan praten we over een potentiële belasting van 6 komkommers als we om-en-om dunnen. Dat komt neer op 2,5 kg/m². Voor deze productie hebben we 2,5 x 3.500 = 9.000 Joules nodig.

In de belichte hogedraadteelten, vanaf december geplant, zien we dat het ras Garpo het nog altijd goed doet. In principe starten we hier ook met 1,5 tot 1,7 planten/m² en houden we ook op het 13e blad de eerste scheut aan en op het 18e blad de 2e, waar we de kop uitnemen. Dit is wel een beetje afhankelijk van de belichtingscapaciteit. Vanaf 180 µmol vermogen kunnen we al snel tussen de 6.000 tot 7.000 Joules per week maken. Dit is, samen met wat buitenlicht, al snel genoeg voor de extra stengels.

Bij hybride belichting is het wel zaak het gewas goed actief te houden. Vaak worden de Son-T-lampen op de dag afgeschakeld en alleen met LED doorbelicht. LED-licht is echter veel kouder licht en vraagt dan ook om een wat actiever klimaat. Je ziet dat de planttemperatuur wat lager ligt bij alleen LED. Probeer hierop in te spelen door de groeibuis wat meer te activeren; anders wordt het gewas makkelijk te vegetatief met grote bladeren. Voorkom het “tunneleffect”. Dit is een situatie waarbij er te veel blad aan de plant zit, zeker bovenin, waardoor je het gevoel hebt dat je door een tunnel loopt. In dat geval komt er te weinig licht op het vrucht en gaat de ontwikkeling van het vrucht langzamer. Er zijn 2 manieren om vruchtontwikkeling te versnellen: via zon (straling) en via de verwarmingsbuis (warmtestraling). Een zonnekracht van 150 tot 180 watt staat gelijk aan een buis van 40°C.

Klimaat
Bij de start van de teelt hebben we wat tempo gemaakt tot aan de eerste bloei. Nu moeten we wel langzaam met een voornacht gaan werken om de vrucht wat sterker te krijgen/houden én selectiviteit in het gewas te houden. Selectiviteit betekent dat de vruchten zich in volgorde ontwikkelen en niet allemaal tegelijk. Ook wordt het buiten wat warmer en mag de ventilatie, zeker in de nacht en ochtend, iets lager ingesteld worden. Pas op voor temperaturen boven de 26 tot 28°C in de kas.

Voorbeeld instelling:

Tijd:Verwarmingstemperatuur:Ventilatietemperatuur:
Zon op20,0°C21,5°C
11:00 uur21,0°C (+2,0°C op licht)22,5°C (+2,0°C op licht)
16:00 uur18,0°C27,0°C
23:00 uur19,0°C27,0°C

Laat het etmaal altijd afhankelijk zijn van het licht. Dus bij weinig licht (0 tot 200 Joules) zitten we rond de 19,0 tot 19,2°C etmaal en bij een lichte dag (1.000 Joules) mag het etmaal 21,0 tot 21,5°C zijn, afhankelijk van traditionele of hogedraadteelt. Bij een hogedraadteelt moeten we altijd op kracht en groei werken en zal dus het etmaal normaal gesproken 0,3°C lager zijn dan bij een traditionele teelt. Maak de instelling zo dat de basis altijd normaal is (19,0°C berekende etmaal) en maak invloeden op basis van licht.

Etmalen bij belichting is niet anders dan bij de normale teelt. Een veel gemaakte fout is dat we veel te hoge etmalen gaan draaien als we belichting hebben. Het gevolg is een zwakkere plant, en hogere bladafsplitsing met vaak te hoge belasting. Een installatie van 160 tot 180 µmol komt overeen met 150 tot 200 Watt instraling en 45 tot 48 Joules/uur. Als we dus 18 tot 20 uur draaien met een dergelijke installatie, betekent dit dat we 800 tot 900 Joules per dag maken. Samen met wat licht van buiten komt dit op 1.000 Joules totaal. Als je een teelt hebt zonder belichting ga je ook geen etmalen draaien van 23,0°C. Dus ook voor de belichte teelten geldt: het etmaal moet in verhouding zijn met het licht, en hier moet je ook de plantbelasting op afstemmen. Met 8.000 Joules/week kunnen we ruim 2 kg/m² belasting aanhouden. Met een LED-installatie met dimfunctie moet je eigenlijk vanaf 450 tot 500 Watt buitenstraling gaan dimmen om niet boven de 650 tot 750 Watt uit te komen. Bij een HPS-installatie vanaf 450 Watt is het advies deze 50% uit te schakelen en bij 550 tot 600 Watt helemaal af te schakelen. Het een en ander is natuurlijk afhankelijk van de kracht van de plant.

Energie
De gasprijzen laten nog altijd een dalende trend zien en zeker WKK-gebruikers hebben momenteel voordeel ten opzichte van ketelstook. Op dagbasis is het rendabel draaien. Ketelstook is toch wel een aandachtspuntje. Zeker richting de komende jaren is wellicht een alternatief noodzakelijk; het wordt eenvoudigweg te duur.

Probeer zoveel mogelijk minimumbuis te beperken. Zeker bij een net geplant gewas is een minimumbuis niet nodig. Als we een VD van 3,0 hebben, is het gewas actief en hoeven we geen vocht weg te stoken. Is er sprake van een groeibuis waarbij de kop ver genoeg voorbij de buis is? Maak dan van je groeibuis je eerste buis. Pas wel op met een te warme buis: 45 tot 48°C is maximaal. Anders wordt een groeibuis al snel een knoeibuis.

Pas ook op met een te warme maximumbuis. Zeker bij een kleine plant is het warmen van de plant voldoende. Een buisrail van 50°C heeft een stralingsradius van 50 tot 60 cm. 5°C extra buis kost veel energie.

Schermen en AC-Folie
Zoals eerder aangegeven is het momenteel tijd om gaten te maken in het AC-folie, het folie open te trekken of te verwijderen. Heb je de mogelijkheid het folie open te schuiven en nog even te laten liggen? Dan kan dit een optie zijn. Al is de weersverwachting niet van dien aard dat we richting een Elfstedentocht gaan.

Het beweegbare scherm is zeker nog nodig in deze periode. Het beweegbare scherm mag open als het buiten > 8,0°C is of als er meer dan 180 Watt straling is. Bij lagere temperaturen moet de stralingsgrens naar boven: tot >250 Watt bij temperaturen boven het vriespunt. Sluit in de middag op tijd het scherm en probeer buistemperaturen hoger dan 45°C te voorkomen als gevolg van te laat sluiten. Een blackout-scherm moet open vanaf zonsopgang en dicht bij zonsondergang. Een instraling van 150 tot 200 Watt staat gelijk aan een buis van 40 tot 45°C. Bij regenachtig weer en veel wind mag er gerust een invloed op het scherm. Het heeft geen enkele zin het scherm te openen in dat geval. Er valt dan geen winst te behalen. Dikwijls is zelfs de maximaal ingestelde buis niet genoeg om de temperatuur te halen.

Watergift
Deze is afhankelijk van het teeltmedium. Op steenwol start je 2 uur na zonsopkomst en stop je 2 tot 3 uur voor zonsondergang. Op perlite en kokos mag dit 1,5 uur na zonsopkomst zijn, tot 1,5 tot 2 uur voor zonsondergang.

Laat de watergift verder afhangen van de teeltfase. Een vol producerend gewas heeft al snel 2,5 tot 3,0 ml/Joule nodig. Oftewel 25 tot 35% drain. Een net geplant gewas heeft voldoende aan 0,5 tot 1,0 ml/Joule.

Probeer ongeveer 4 uur na zonsopkomst de eerste drain te realiseren. Dit is 1,5 tot 2 uur na de eerste beurt. Neem je een watermonster voor drainwateranalyse? Doe dit altijd rond lunchtijd. Dat geeft het beste beeld weer van de voeding.

Streef een EC van 3,0 tot 3,5 na in de mat en drain. Bij gebruik van AC-folie mag/moet de EC iets hoger zijn en zeker richting 3,5 in de mat gaan.

CO2
Tot aan eerste bloei heeft de plant niet veel CO2 nodig. Pas wel op dat het niveau niet onder 350 ppm komt. Zeker op een zonnige dag met de ramen dicht kan dit al snel voorkomen. Tot aan bloei is 500 ppm maximum genoeg. Dit bouw je op tot aan 800 ppm bij productie. Pas wel op met folies en schermen, en waak ervoor dat de CO2 niet continu doorschiet.

Gebruik als het mogelijk is in deze fase zuivere CO2 of CO2 van de ketel. In CO2 van een WKK kunnen schadelijke gassen zitten die, doordat we de ramen dicht hebben, zich opstapelen in de kas. Als we voorzichtig een luchtje trekken, is het doseren van WKK CO2 een iets minder groot probleem.

Teelttip tomaat
Elke maand delen wij tips voor de tomaten teelt. Wilt u die rechtstreeks in uw mailbox ontvangen? Meld u dan meteen aan!

Problemen
Doordat we nu nog minimaal luchten is de druk van insecten laag. We zien hier en daar wel wat luis, al dan niet afkomstig van de plantenkweker. Aangezien luis de laatste jaren voor heel wat narigheid heeft gezorgd, is het raadzaam hier extra alert op te zijn. Luizen komen altijd in golven van 6 weken. Denk dus niet dat je er bij een aantasting met positieve bestrijding vanaf bent, maar blijf inzetten en combineer hierbij meerdere bestrijdingsmethodes.

Probeer problemen te voorkomen door regelmatig te scouten, maar zeker ook preventief in te zetten. Maak met je bio-adviseur een plan. Alleen door er op tijd bij te zijn, kun je veel narigheid voorkomen.

Qua schimmels is het vooral belangrijk de vochtbalans op peil te houden. Vermijd een VD < 1,5 in de kas. Een half uurtje is geen probleem, maar het moeten geen uren worden.

Waar Pythium in het begin van de teelt een probleem kon zijn, moeten we nu meer kijken naar mycosphaerrella en botrytis. Zorg voor wat luchtcirculatie door onder in het gewas (traditionele teelt) 3 bladeren weg te snijden.

Er zijn voldoende middelen voorhanden om problemen te tackelen, maar men moet de problemen wel zien... Blijf dus alert!

Meer weten? Neem gerust contact op met één van onze accountmanagers.

Deze teelttip gaat uit van verwarmde glastuinbouw op substraat beplanting onder continentale klimaatomstandigheden in Noordwest-Europa

Informatie die door Bayer Group of haar medewerkers wordt gegeven, hetzij mondeling, hetzij schriftelijk, gebeurt in goed vertrouwen, maar dient niet beschouwd te worden als een garantie van Bayer Group met betrekking tot prestaties en geschiktheid van haar rassen. Resultaten kunnen variëren onder invloed van klimatologische of andere omstandigheden. Bayer Group aanvaardt geen enkele verantwoordelijkheid met betrekking tot de geleverde informatie.

This browser is no longer supported. Please switch to a supported browser: Chrome, Edge, Firefox, Safari.