Teelttip komkommer | week 23 - 2023

Perfect weer om de gewassen te sturen

De laatste weken is het perfect weer om de gewassen te sturen; veel zon en niet te hoge buitentemperaturen, vooral in de nacht. Het weer voor de komende weken ziet er goed uit, maar dat is niet vreemd voor de tijd van het jaar. In deze teelttip leest u hoe het de komkommers verder vergaat en waar u het beste op kunt letten.

Marktsituatie
Overal in Europa staat de markt onder druk de omdat de aanvoer en consumptie uit verhouding zijn. Dat is terug te zien aan de prijzen. Er Lijkt weer wat ruimte op de markt te komen door de teeltwisselingen en de daarbij behorende stijgende prijzen.

Teelten
De gewassen staan er redelijk fris bij. De hogedraadgewassen zijn nog steeds sterk, alhoewel de stengels steeds langer worden. De traditionele teelten zijn in de 2e planting nog vers.

Hogedraad
Langzaam lopen de teelten ten einde. De meeste teelten worden eind juni of begin juli overgeplant. Dit betekent dat de kop er deze maand uit gaat, zo’n 3 tot 3,5 week voor de laatste productie. Vanaf bloei tot oogst duurt ongeveer 18.000 Joules. Bij een afnemende belasting loopt dit terug tot 13.000 Joules. Het is dus makkelijk uit te rekenen wanneer de laatste vruchten geoogst worden.

Op het moment van koppen moeten de laatste drie vruchten en scheuten aan de plant blijven zitten, anders dunnen de planten “dood”. Te weinig groeipunten in de kop van de plant is negatief voor de wateropname in de kop, waardoor sne  abortie ontstaat. Dus: 3 scheuten laten zitten totdat de laatste vruchten goed gezet zijn en daarna terugbrengen naar 1 scheut. 

Stuur een week voor het koppen al wat meer op kracht van het vrucht door een niet te hoge voornacht. De laatste twee weken tot 10 dagen, wanneer alle vruchten goed gezet zijn, kan er tempo gemaakt worden. In de laatste twee weken is het belangrijk om het scherm dicht te trekken. Zo wordt  de kop niet te warm door de straling.

De rassenkeuze is misschien al gemaakt voor de 2e teelt. In Midden-Europa is het ras Garpo voor deze teelt vrij populair. Het is groeikrachtig en heeft een goede resistentie tegen meeldauw en virus. Dus in een warm klimaat en kassen zonder verneveling is dit ras een aanrader. Ook in de belichte teelten komt Garpo vrij goed uit de bus. Zeker als de markt om grotere vruchten vraagt.

Traditionele teelt
Dit jaar wijkt de teeltplanning af van de standaard. Er is over het algemeen wat later geplant, waardoor sommigen kiezen voor twee teelten. De drie-keer-planters hebben al overgeplant. De jonge planten doen het over het algemeen goed. Ze zijn opgegroeid met ruim voldoende licht. Maak In het begin van de teelt tempo tot de eerste bloei, om daarna voorzichtig met een voornacht te werken. 

Tot aan eerste bloei en het zetten van de eerste vruchten is het niet nodig een minimumbuis te hanteren. Vocht is geen probleem dus in deze fase is temperatuur belangrijker. De ramen knijpen op vocht zal eerder negatief dan positief uitpakken omdat de plant te klein is om klimaat te maken. Een klein plantje verdampt te weinig om de kas te koelen. Houd het dus simpel bij de start van een nieuwe teelt. Stook de kas naar 21 graden∞ met zon op en naar 19 ∞graden 1 tot 2 uur voor zon onder. Stel de ventilatie op 1 graad boven de stook en in de middag op 2 graden. Het wordt vanzelf warm in deze tijd van het jaar. Een komkommerplant houdt niet van kastemperaturen hoger dan 26 tot 28 graden∞. Dat is niet zo’n probleem als het vocht op orde is, maar ook dan is het voor een kleine plant vrij lastig.

Er zijn ook al nieuwe teelten die aan de draad zijn of waar zelfs de ranken al liggen. Let dan op dat er bij het uitgroeien van de laatste stamvruchten makkelijk wordt geschermd op straling. Als dat niet gebeurt, worden de koppen warm en verdampen ze minder. Bovendien groeien de laatste komkommers dan zó snel, dat ze het vocht weghouden voor de eerste rankvruchten. Met abortie van die kleine vruchten als gevolg.

Bekijk bij het toppen van de ranken goed hoe snel de secundaire rank is. Als die rank snel komt, kan de hoofdrank wat later getopt worden. Zo niet, top dan iets korter maar altijd 3 tot 4 bladeren onder de draad. Ook bij het toppen van de rank aborteren de laatste twee vruchten van de rank vaak vanwege de onderbreking van het sapstroom.

Teelttip Merlice, Marinice en Grandice
Elke maand delen wij tips voor de teelt van Merlice, Marinice en Grandice. Wilt u die rechtstreeks in uw mailbox ontvangen? Meld u dan meteen aan!

Klimaat en snoeibeleid
Nog altijd zijn de nachten koud waardoor de etmalen redelijk controleerbaar zijn. Afhankelijk van het ras mag op een nieuwe teelt wat tempo gemaakt worden. Tot aan de eerste bloei is er geen voornacht nodig. Pas als het eerste vrucht een beetje gaat groeien, kan de voornacht wat verlaagd worden. Dat is goed te zien aan de balans in de kop; als de plant makkelijk dubbele vruchten geeft, betekent het dat er nog kracht genoeg in zit. Ga zo nodig op tijd terug in temperatuur. Sommige rassen lijken sterk, maar gaan bij een te hoge belasting en temperatuur op een kerstboom lijken.

Bij een traditionele teelt op goten is de afstand tot de gewasdraad vaak maar een blad of 12 tot 14. Teelten op de grond maken vaak 19 tot 22 bladeren tot de draad. Hier zit dan ook het probleem; hoe verder de scheuten van de wortel zitten en hoe meer stamkomkommers er aangehouden worden, hoe moeilijker en trager de rank komt. Vaak is er dan een gat te zien van een week of meer tussen de laatste stam en de eerste rankproductie. Houd dus rekening met de stambelasting.

Voor zowel de hogedraad als de traditionele teelt moet er op vruchtselectiviteit gestuurd worden. Dit betekent dat de vruchten netjes in volgorde bloeien en niet allemaal tegelijk. Trek daarvoor de temperaturen wat uit elkaar, dus warm in de middag en wat koeler in de voornacht. Een vlak gestookt gewas is altijd minder selectief.

Probeer te sturen op LAI (Leaf Area Index), zoals in de vorige actualiteit besproken. Nu de zomer in aantocht is, gaan we naar een LAI van 2,5 tot 3,0. Zodra de gewassen wat ouder worden, neemt het formaat van het blad af. Om de juiste LAI na te streven kan er wat meer blad aan de plant blijven.

Energie
De gasprijs daalt nog steeds. Dat compenseert de slechte prijzen een beetje. Houd de dalende trend in de gaten en maak hier gebruik van bij het sluiten van een nieuw contract of het vastleggen van volumes en prijs. Er zit altijd een na-ijleffect in de prijs. Zolang de markt daalt is er geen actie vereist. WKK-bezitters kunnen natuurlijk wel slim elektra verkopen en wachten met het vastleggen van een gascontract. Daar zit een risico aan vast, maar dat is makkelijk in te schatten.

Schermen
Ook dit onderwerp is nog actueel. In de nacht is het goed mogelijk om het energiescherm te sluiten,  zeker zolang de buitentemperatuur in de nacht onder de 10 tot 12 graden komt. Voorwaarde is wel dat de kastemperatuur onder het gesloten doek niet te hoog wordt, want dat creëert zwakte. Houd ook het vocht in de gaten. Zolang beiden geen probleem zijn, kan er lang worden geschermd. In de ochtend mag het scherm open op 150 Watt instraling of 7,0 tot 8,0 graden buitentemperatuur. Maak bij een lagere buitentemperatuur een correctie op de stralingsopening. Helemaal ideaal is een meetbox boven het scherm. Zodra de temperatuur op niveau is, kan het scherm worden geopend.

Wees voorzichtig met te snel openen en voorkom daarmee kouval op de kop. Een koude kop is minder actief, waardoor het microklimaat in de kop erg vochtig wordt. Omdat de wortel wel actief is, neemt de worteldruk toe en gaat de plant guteren via de bladranden en bloemen. Hier zitten namelijk de zwakste cellen van de plant. Gevoeligheid voor mycos speelt hier ook een grote rol.

De zon is momenteel vrij krachtig. In veel kassen wordt geschermd op straling, ook in combinatie met een coating op het dak. Het probleem is dat de luchtramen boven de tralie zitten. Als het scherm 70 tot 80% wordt dichtgetrokken op straling, gaan de planten hangen vanwege de zon die door het geopende raam precies op de koppen straalt. Het gaat vaak maar om 4 tot 6 planten per 3 rijen maar omdat een komkommergewas nogal snel opschuift, krijgen veel planten hiermee te maken. En als de bladeren slap gaan, stagneert de verdamping. Een plant heeft 1 tot 2 dagen nodig om daarvan te herstellen. Deze planten laten ook veel abortie zien, wat logisch is vanwege de slechte wateropname/transport.

Probeer met een enkel doek zoveel mogelijk de ramen te knijpen op de zonkant. Een dubbel schermdoek tegen elkaar in sluitend werkt in dit geval perfect, ook als het tweede doek een donkerdoek is. Sluit in dat geval het energiedoek 75 tot 80% en het 2e doek 20 tot 25%. Bij twee energiedoeken maakt de stand niet uit, als er maar geen grote kier is waar de zon door kan. Sommige kassen zijn uitgerust met een zonnedoek. Dat werkt optimaal, zeker als het 100% gesloten is.

Watergift
De strategie blijft hetzelfde; start afhankelijk van het teeltmedium 1,5 tot 2 uur na zon op en stop 1,5 tot 2,5 uur voor zon onder op steenwol. Op perliet en kokos mag dit 1,5 uur na zon op zijn tot 1,5 tot 2 uur voor zon onder.

Laat de watergift afhangen van de teeltfase. Een vol producerend gewas heeft al snel 2,5 tot 3,0 ml/Joule nodig. Oftewel 25 tot 35% drain. Een net geplant gewas heeft 0,5 tot 1,0 ml/Joule nodig.

Probeer in 3 tot 5 grotere beurten in de morgen op niveau te zijn en ga daarna door op de dag met kleinere beurten. Ongeveer 4 uur na zon op kan de eerste drain gerealiseerd worden. Dit is 1,5 tot 2 uur na de eerste beurt. Als het erg warm in de kas is, is 35 tot 40% ook niet erg.

Zorg dat de plant voldoende water krijgt. Bij een gesloten systeem moet het drainwater hergebruikt worden. Te veel drainwater terug in de gift geeft al snel een onbalans in de aangeboden elementen. Speel hierop in door regelmatig een analyse te maken van gift en drainwater.

Het drainpercentage moet te allen tijde goed in de gaten worden gehouden. De afgifte is nergens gelijk dus bij een laag drainpercentage krijgen sommige planten te weinig water. Het drainpercentage is altijd het gemiddelde van een kas of afdeling. Te weinig water, of op het randje, geeft snel vruchtabortie.

Meten is weten! Het gaat vaak mis als er gestuurd wordt op automatische weegschalen, zoals een Aquabalans. De computer geeft voldoende drain aan, maar uiteindelijk blijkt het niet te kloppen. Check dus altijd de hoeveelheid ml/Joule. Een vol producerend komkommergewas heeft zeker 2,4 tot 2,9 ml/Joule nodig. Als de computer 35% drain en 1,8 ml/Joule aangeeft, is dat waarschijnlijk niet juist. Controleer dus regelmatig de werking van dergelijke systemen en vang het drainwater op in een emmer voor extra controle.

Streef een EC van 3,0 tot 3,5 na in de mat en drain.

Start een nieuwe teelt met een calciumschema om daarna langzaam naar meer kali te sturen vanaf de groei van de eerste vrucht. Het is niet nodig om in het begin onnodig veel kali te geven. Met meer water neemt ook het drainvolume toe. Dit water wordt hergebruikt. Het is belangrijk dat de balans in de diverse meststoffen regelmatig gemonitord wordt.

Chelaten breken makkelijk af in de UV-ontsmetter. Zorg dus voor voldoende aanbod van ijzer in de gift. Bij een ijzergebrek, zeker in combinatie met een hoge belasting, zal de plant wat geel verkleuren. Mangaan lift met ijzer mee de plant in, dus een gebrek aan ijzer is vaak een gebrek aan mangaan. De zuurtegraad, pH van het water, is ook belangrijk. Bij een hoge pH is de opname van ijzer moeilijk. Het is beter om voor de 6% ijzer te kiezen in plaats van de goedkopere 3%. De 6% is makkelijker opneembaar met een hogere pH. De 3% daarentegen slaat makkelijk neer in de mat waardoor het natriumcijfer ver op kan lopen.

In nieuwe teelten ligt pythium op de loer. Wees voorzichtig met te veel, te weinig, te warm of te koud water. Zeker in een lege kas warmt het substraat snel op, daardoor zijn de planten extra gevoelig. Druppel tijdig iets mee, zelfs als je nog geen pythium ziet. Er zijn tegenwoordig genoeg toegestane (preventieve) middelen op de markt. Aangieten bij het zien van een aantasting werkt ook goed.

CO2
Zodra het buiten warmer wordt, neemt de warmtevraag in de kas af en daarmee de draaiuren met de ketel of WKK. Dat terwijl de dagen langer worden en de CO2 de kas uitvliegt omdat er meer geventileerd wordt. Kies de juiste momenten om CO2 te doseren en WKK aan te bieden. Het beste is om in de ochtend en aan het eind van de dag te doseren, dit zijn de duurste uren qua stroom. In de ochtend zijn de ramen vaak nog wat gesloten en eind van de dag wordt er wat geknepen waardoor de CO2 optimaal benut wordt.

Met alleen een ketel is het advies om op lage toeren de hele dag een beetje door te flodderen. Een Ocap-aansluiting is in dit geval én bij het gebruik van zuivere CO2 ideaal. Als het VD hoger wordt gedurende de dag, gaat de plant de huidmondjes sluiten, neemt de opname van CO2 af en wordt de verdamping minder. Verlaag in dat geval de dosering. Dit is eenvoudig in te stellen in de klimaatcomputer. Bij VD >9,0 is de verdamping al lastig, maar bij VD >12 heeft doseren waarschijnlijk niet zoveel zin meer. Gelukkig krijgen de bomen weer blad en stijgt de CO2 in de buitenlucht, dus met de ramen open zijn de buitenwaarden al snel op peil. Het wordt pas een probleem als de CO2-waarden in de kas onder de buitenwaarden komen, want dan treedt er dissimilatie op en gaan de groei en productie achteruit.

Problemen
Het was vrij rustig tot een paar weken terug, maar inmiddels beginnen spint, luis en trips weer op te komen. Zet bij spint altijd preventief Californicus in en strooi bij een aantasting ook Phytoseiulus bij. Het is een utopie om spint met alleen bio om zeep te helpen. Het beste is om natuurlijke vijanden en de juiste chemie te combineren. Dat geldt ook voor luis; zet preventief wekelijks of tweewekelijks in. Verdubbel de aantallen bij aantasting en voer dan ook een bespuiting uit. Trips is lastig maar zeker te bestrijden met alleen natuurlijke vijanden. Dit vraagt wel veel geduld en inzet. Probeer het dus te voorkomen door wat meer tijd te steken in scouting.

Kies het juiste moment voor een chemische behandeling. Spuit nooit als er te veel straling is. Bij de meeste middelen geldt: hoe langer het gewas nat is, hoe beter de werking. Stop met spuiten wanneer de straling > 130 watt is. De pH van het spuitwater is ook belangrijk. De meeste middelen zijn effectief bij een vloeistof pH van 5,5 tot 6,0. Als de pH te hoog is, gaat de werking sterk achteruit.

Meer weten? Neem gerust contact op met één van onze accountmanagers.

Deze teelttip gaat uit van verwarmde glastuinbouw op substraat beplanting onder continentale klimaatomstandigheden in Noordwest-Europa

Informatie die door Bayer Group of haar medewerkers wordt gegeven, hetzij mondeling, hetzij schriftelijk, gebeurt in goed vertrouwen, maar dient niet beschouwd te worden als een garantie van Bayer Group met betrekking tot prestaties en geschiktheid van haar rassen. Resultaten kunnen variëren onder invloed van klimatologische of andere omstandigheden. Bayer Group aanvaardt geen enkele verantwoordelijkheid met betrekking tot de geleverde informatie.

This browser is no longer supported. Please switch to a supported browser: Chrome, Edge, Firefox, Safari.