Weer
Na een paar koelere dagen, neemt de temperatuur richting het weekend weer toe. Met uitzondering van maandag, dan is er grote kans op regen en komt de temperatuur niet boven de 22 graden. Op warme dagen is het belangrijk om de worteldruk in de gaten te houden. Als die te hoog is, kunnen er snotpuntjes en Myco’s vruchtjes ontstaan. Houd er wel rekening mee dat de temperaturen relatief hoog zijn ten opzichte van de instraling, en pas de streefwaarde van de etmaaltemperatuur aan naar het aantal zonuren.
Stand teelt en vooruitzicht
In de oude teelt was het belangrijk om te zorgen dat de Pythium druk wordt verlaagd vóór de nieuwe planting. Hiervoor kunnen verschillende chemische middelen worden ingezet, zoals AAterra, Previcur Energy en Proplant. Zet het middel 2 tot 3 dagen voor het einde van de teelt in. Maar let op: de Pythium schimmel ontwikkelt zich snel, dus ook nadat de chemische middelen zijn ingezet, krijgt het kans krijgt zich opnieuw te manifesteren. Dit kan worden voorkomen door bacteriën en schimmels in te zetten die concurreren met de Pythium schimmel.
In de jonge teelt is het belangrijk om gebruik te maken van een startschema:
| Tot eerste bloei | Correctie t.o.v. standaard | Vanaf eerste bloei | Correctie t.o.v. standaard |
| Ammonium | +0.15 | Ammonium | +0.25 |
| Kali | -1.0 | Kali | +1.0 |
| Calcium | +0.5 | Calcium | 0 |
| Magnesium | +0.15 | Magnesium | 0 |
| Sulfaat | +0.15 | Sulfaat | -0.1 |
| IJzer | +5 | IJzer | 0 |
| Boor | +5 | Boor | 0 |
Houd de analyses goed in de gaten!
Het aanhouden van het eerste vrucht:
Afhankelijk van de plantkracht en de situatie in de kas, kan er gestart worden met het eerste vrucht vanaf oksel 5. Bij een minder krachtige plant, of waar het 5e vrucht iets gaat raken, bijvoorbeeld goot of groeibuis, is het beter om bij oksel 6 te starten. Verwijder ook enkele vruchten op de plant. Het advies is om 5 vruchten op rij aan te houden, één leeg, 5 vruchten aanhouden, één leeg en vervolgens de overige vruchten tot de draad aan te houden. Wanneer er sprake is van een vrij hoge gewasdraad en veel bladeren onder de draad, verwijder dan 3 vruchten op de stam.
Gewasbescherming: blijf er kort op zitten!
Start vroeg met het inzetten van biologie, maar houd de druk vanuit eerdere teelten zo laag mogelijk. En denk ook aan het bestrijden van rupsen, wantsen, spint, witte vlieg en trips. Een behandeling tussen de teelten in een lege kas met waterstofperoxide kan helpen om de schimmeldruk nog eens extra aan te pakken.
Werk op warme dagen met:
- Het schermdoek. Vanaf het moment dat de zon over de 500 watt/m2 begint te komen. Is er krijt gebruikt? Laat het doek dan pas later/niet dichtlopen.
- De dakberegening. Hanteer de volgende waarden voor een jonge plant: >28 graden, >500 watt/m2 en >11.0 VD. Bouw dit op om voldoende generativiteit te bereiken.
- De (hoge druk) verneveling. Zet de startvoorwaarden na elkaar in. Dus de eerste die aangaat, wordt ook als eerste weer afgeschakeld. Zo wordt de plant het beste geholpen.
- Koel water in de mat krijgen om de temperatuur onder de 28 graden te houden. Dit kan met circa 4 beurten per uur á 100 cc/steker. Boven de 28 graden komt wortelafsterving eerder voor.
Etmalen jonge planten
| Zeer zonnige dag | 2250 joule/cm2 | <22.5 |
| Zonnige dag | 1750 joule/cm2 | 22.0 |
| Lichte dag | 1250 joule/cm2 | 21.5 |
| Donkere dag | 500 joule/cm2 | 20.8 |
| Periode | Stooklijn | Invloed | Luchtingslijn | Opmerking |
| 05.00 | 20.0 | 20.5 | Luchting -0.5 op straling 250-500 watt/m2 Luchting +0.3 op BT 12-8 graden | |
| 08.30 | 20.0 | 20.5 | Luchting -0.5 op straling 350-500 watt/m2 | |
| 11.00 | 20.5 | 21.5 | Naloop +1.0 overgang met 1 uur per graad. | |
| 19.30 | 17.0 | 18.0 | Vocht vasthouden/opbouwen | |
| 23.00 | 17.0 | 18.0 | ||
| 02.30 | 18.7 | 19.5 |
Schermen
Openen
100 watt/m2
- Laat het ondernet wegvallen naar <38 graden.
- Houdt een verschil van onder en boven het scherm aan van <3.5 graden om te kunnen openen zonder kouval.
Sluiten
Sluit alleen bij buitentemperaturen onder de 12 graden
Overdag op instraling bij 500 watt/m2: 80%
Vasthouden aan het einde van de dag tot <400 watt/m2
Watergift
Start: 75 minuten na zon op
Stop: 90 minuten voor zon onder
Tot drain; 55 j/cm2
Vanaf drain; 60 j/cm2
Namiddag vanaf 16.00; 65-70 j/cm2
Let op: de verzadigingslijn moet strak recht blijven van moment van drain tot einde van de dag bij de laatste beurt.
Beurt á 100 cc/steker
Stralingsgrens van 50 watt/m2
Wachttijd van max 60 minuten
Drain streef: 30%
EC gift: 2.0-2.5 bij heet weer; 2,5-3,0 bij donker weer
EC in de mat: 2.8-3.0
Nachtbeurt(en): 2x in de eerste nacht
22.00 en 00.30
CO2
400 ppm + 150 ppm op straling.
Dosering +90 minuten na zon op tot -150 minuten voor zon onder.