Nog een enkele koude nacht!
Weer
Na het weekend stijgt de nachttemperatuur richting de 14 graden met behoorlijk veel zonuren. De kans is klein, maar het kan ook wat heiig worden. De sterkte van het licht kan dus variëren gedurende de dag. Houd bij grote overgangen goed in de gaten of het gewas de plotselinge stijging van instraling goed aankan.
Stand teelt en vooruitzicht
Voor de oudere teelten is het belangrijk om:
- Vlot door te blijven oogsten.
- Te toppen waar dit nog zinvol is; normaliter tot 14 dagen voor het ruimen van het gewas tenzij er veel groei opkomt, dan kan het wat later.
- Lagere EC na te streven in de laatste tien dagen van de teelt: 2.5-2.6 in de mat.
- Schimmeldruk alvast te verlagen voorafgaand aan de teeltwissel. Bijvoorbeeld met behulp van een chemisch middel of wortelstimulans om Pythium geen kans te geven.
- VN iets te verhogen naar 18 tot 19 graden, afhankelijk van de kracht van het gewas en het energiecontract.
Zorg bij de jongere teelten dat:
- De watertemperatuur bij de steker/matten <28 graden is i.v.m. risico op Pythium.
- Doordruppelen heeft de voorkeur: 5 tot 6 x per uur.
- Waar doordruppelen geen optie is: stoppen met water geven tussen 12.00 en 17.00.
- Het vochtdeficit niet te laag is: van >10 tot 13 voor wortel aanleg hoger is actie ondernemen.
- Er koel geteeld wordt met temperaturen op de dag van 27 tot 28 graden.
- Er goed ruim gelucht wordt. Let op: planten moeten stil blijven staan en niet ‘wapperen’ door de trek/wind.
De jonge planten gaan over het algemeen goed de mat in. Blijf wel redelijk koel telen en houd de genoemde punten in acht.
Het eerste vrucht wordt bij enkele planten aangehouden op oksel 5 bij getopte planen op oksel 6. De plant is over het algemeen sterk en maakt snel veel opschot. Hou daar qua arbeid rekening mee. Het levert namelijk veel extra werk op als er flinke scheuten verwijderd moeten worden onder in het gewas. Bovendien is het niet goed voor de gewasstand bij een hoge plantbelasting later in de teelt.
Afhankelijk van het gekozen ras, grootte van bladeren en generativiteit, mag er (straks) al een blad van de stam mee weggepakt worden op een hoogte van 6 tot 7 bladeren onder de draad. Dit zorgt voor extra licht op de onderste vruchten en ze krijgen meer snelheid. Tegelijkertijd wordt er ruimte gemaakt voor de scheuten die overgelegd moeten worden in een later stadium. Wanneer het gewas toch meer vegetatief is, kan dit beschouwd worden als een generatieve actie.
Etmalen jonge planten
Zeer zonnige dag 2000 joule/cm2 22.0
Zonnige dag 1500 joule/cm2 21.8
Lichte dag 1000 joule/cm2 21.3
Donkere dag 500 joule/cm2 20.5
| Periode | Stooklijn | Invloed | Luchtingslijn | Opmerking |
| 6.00 | 19.5 | 20.5 | Afhankelijk van de ochtendtemperatuur iets lager luchten. Wind en luw gelijker. | |
| 10.00 | 20.0 | 20.5 | Windzijde meer dicht laten lopen tegen waaien/trek. +/- max. van 40%, onder de nok blijven. | |
| 11.15 | 21.0 | 20.5 | Zelfde opmerking als hierboven. | |
| 19.00 | 18.5 | 20.5 | ||
| 20.30 | 18.5 | 19.0 | ||
| 01.00 | 19.5 | 20.0 |
Schermen
Openen
0 graden – 200 watt/m2
5 graden – 166 watt/m2
10 graden – 133 watt/m2
- Zorg ervoor dat het ondernet wegvalt naar <35 graden
- Houd een verschil van onder en boven het scherm aan van <3.5 graden om te kunnen openen zonder kouval
Sluiten
De buitentemperatuur stijgt en daardoor het niet altijd nodig is om te sluiten. Overgang is bij 11 tot 12 graden BT, om goed uit te komen met de buizen en het luchten. Met een gesloten scherm wordt het onder het scherm bij meer als 12 graden BT te warm in de kas. Kieren en luchten van het scherm zorgt ervoor dat het aanwezige vocht in de kas verdwijnt. Deze sterk generatieve actie is nu niet wenselijk.
Buis trekt aan naar 45+ graden na 12.00
Buis trekt aan naar 35+ graden na 15.00
Verschil ingestelde stooklijn met gerealiseerde kastemperatuur van -0.4 graden
Overdag op instraling bij 450 watt/m2: 80%. Het is beter om te sluiten voordat de eerste temperatuur in de kas komt met toenemende instraling. Zo hoeft er niet weer afgekoeld te worden. Houd het vochtdeficit op basis van luchten tussen de 10 en 13.
Watergift
Start: 120 minuten na zon op
Stop: 120 minuten voor zon onder (houd bij overdag stoppen tot 60 minuten voor zon onder aan)
65 j/cm2 per beurt á 100 cc/steker bij warm weer, anders 150-175 j/cm2 per beurt. Uitgaande van plantafstand tussen 1.4 en 1.6 planten per m2 en één steker per plant
Stralingssgrens van 100 watt/m2
Wachttijd van maximaal 60 minuten
Drain streef: 30-40%
EC gift: 2.4-2.6
EC in de mat: 2.8-3.0
CO2
Houd 450 ppm aan vanaf de dag van het planten, verhoging is niet nodig.
Streef na inwortelen en waar ruim CO2 beschikbaar is, 500 ppm na.
Dosering +90 minuten na zon op tot -150 minuten voor zon onder.
Gewasbescherming
De luis laat zich plotseling meer zien. Zeker in de jonge teelten geldt een nultolerantie i.v.m. CABYV. Rupsen en wantsen lijken ook op te komen zetten. En de eerste gevallen van bontvirus zijn helaas al weer gevonden!